Mijn grootste zorg is dat we de afgelopen decennia eigenlijk sluipenderwijs onze democratische rechtsorde hebben uitgehold, zei minister van Staat Herman Tjeenk Willink zondag in Buitenhof.
“Dat we dachten: ‘Bij ons loopt het zo’n vaart niet, dat is bij ons wel geregeld’,” zei hij.
Willink noemde vervolgens een aantal voorbeelden.
Minder kans op werk
Als het economisch zo goed gaat en er een klimaat is waarin er economische groei is, terwijl mensen tegelijkertijd minder kans hebben op werk en korter leven, dan is dat een aantasting van de democratische rechtsorde, legde hij uit.
“Het tast het rechtvaardigheidsgevoel aan,” zei Willink.
Doktoren en leraren
Het feit dat doktoren of leraren zeggen: ‘We hebben het gevoel dat de overheid ons niet meer vertrouwt en onze professionaliteit niet meer erkent’; dat is een aantasting van de democratische rechtsorde, aldus de minister.
Dit tast de legitimiteit – de geloofwaardigheid – van de overheid aan, zei hij.
“Mijn grootste zorg is dat we de afgelopen decennia eigenlijk sluipenderwijs onze democratische rechtsorde hebben uitgehold”, aldus Herman Tjeenk Willink in #buitenhof pic.twitter.com/lk7Q7Z40y6
— Buitenhof (@Buitenhoftv) February 9, 2020






‘Huilende verpleegster’ die vreest voor corona ontmaskerd als influencer: ‘Dit filmpje is dus volledig vals’
Alandra groeide op in een machtige satanische sekte: hier vertelt hij over zijn huiveringwekkende ervaringen
Huisarts vernietigend over corona-aanpak: ‘Dit doet mij denken aan het naziregime’
D66-Kamerlid trekt alle aandacht naar zich toe tijdens boerenprotest: ‘Sociopaten eisen dat alles om hen draait’
Het geheim van gedachtekracht – deel 3 – Het formuleren van woorden en zinnen
Nederland geeft topfunctionaris Taliban visum, maar weert ‘complotdenker’ David Icke
De leugen begint te stinken. Baudet onthult hoe het kabinet Rutte jarenlang heeft gelogen over burgerdoden Irak
De UFO-files: Tony Blair geïnformeerd over ‘buitenaards beleid’
Curve al 3 maanden plat: ‘Geef mij één reden waarom vrijheidsbeperkende maatregelen nog nodig zijn, één!’