De onteigeningszaak rond de boerenfamilie Van der Veen uit Lucaswolde krijgt een steeds explosiever karakter. Farmers Defence Force (FDF) beschuldigt de provincie Groningen ervan dat zij vlak voor de cruciale stemming over de onteigening bewust informatie heeft achtergehouden en Provinciale Staten met onvolledige gegevens heeft laten instemmen. De boerenorganisatie spreekt inmiddels van een “ambtelijke beerput” en heeft het provinciebestuur een ultimatum gesteld: maak het geheime memo en het bijbehorende bodemonderzoek onmiddellijk openbaar.
Met die nieuwe aanval kiest FDF voor een frontale confrontatie met de provincie. Uit een reconstructie van de organisatie van voorman Mark van den Oever blijkt dat het onteigeningsproces rond Lucaswolde bestuurlijk is “voorbewerkt” om de gedwongen grondverwerving van de familie Van der Veen mogelijk te maken.
Besluit van 15 april onder vuur
Centraal in de kwestie staat de op 15 april door Provinciale Staten aangenomen Onteigeningsbeschikking Waterberging en Natuur Zuidelijk Westerkwartier, deelgebied Dwarsdiep. Die beschikking vormt de basis voor de gedwongen onteigening van landbouwgrond ten behoeve van natuurontwikkeling en waterberging.
Voorafgaand aan die stemming was door Statenleden echter via een motie vastgelegd dat onteigening alleen als “uiterste middel” mocht worden toegepast. Er moest dus aantoonbaar geen redelijk alternatief meer zijn, zoals ruilgrond of vrijwillige verkoop.
Precies op dat punt zegt FDF nu een bestuurlijke manipulatie te hebben blootgelegd.
Geheime ‘technische duiding’
Volgens de organisatie heeft het college van Gedeputeerde Staten vlak voor de stemming een besloten technische memo laten opstellen waarin staat dat 31 hectare nabijgelegen provinciegrond niet als ruilgrond inzetbaar zou zijn, omdat deze grond nodig zou zijn als slibdepot.
Dat memo, intern geregistreerd onder nummer GS-2026-ZH-483-TD, zou volgens FDF doorslaggevend zijn geweest om te kunnen concluderen dat er geen reële alternatieven voorhanden waren en onteigening dus noodzakelijk werd.
Maar juist dat memo is nooit openbaar besproken.
“Door dit document besloten te houden, konden zowel de boerenfamilie als Provinciale Staten de feitelijke juistheid niet controleren,” stelt FDF. Volgens de organisatie hebben zelfs verschillende Statenleden, onder wie BBB-bestuurders, het memo niet ingezien voordat zij hun stem uitbrachten.
Daarmee, zo luidt de beschuldiging, zijn Provinciale Staten bewust met onvolledige informatie naar een al voorbereide uitkomst geleid.
Geen vergunning voor slibdepot gevonden
De zwaarste aantijging van FDF betreft de onderbouwing van de zogeheten slibdepotstatus. Uit analyse van metadata, vergunningenregisters en administratieve bestanden blijkt dat er op 25 april geen enkele geldige vergunning te vinden was voor een slibdepot op de betreffende 31 hectare.
Sterker nog: volgens FDF is de administratieve statuswijziging van de grond pas op 14 april, één dag voor de Statenstemming, doorgevoerd.
Dat voedt bij de organisatie het vermoeden dat de bestemming van de grond op papier is aangepast om ruilmogelijkheden uit te sluiten en zo de aangenomen motie feitelijk buiten werking te stellen.
FDF spreekt in dat verband van een “papieren verzinsel” en een “administratieve boobytrap”.
Naam ambtenaar bekend, 24 uur de tijd
De organisatie zegt inmiddels ook te weten welke ambtenaar betrokken is geweest bij het memo of de statuswijziging van de grond. In een opmerkelijke passage stelt FDF dat deze ambtenaar 24 uur na publicatie van het bericht de tijd krijgt om het memo vrijwillig aan de organisatie te overhandigen.
“Volledige anonimiteit is gegarandeerd,” aldus FDF.
Er is haast geboden omdat er slechts tot 4 juni schriftelijke bedenkingen kunnen worden ingediend tegen de onteigeningsbeschikking. Wachten op de uitkomst van eerder ingediende Woo-verzoeken acht de organisatie te riskant.
“Onteigening onrechtmatig”
Mocht blijken dat het genoemde bodemonderzoek ontbreekt of dat er geen formele basis bestaat voor de slibdepotbestemming, dan is de onteigeningsbeschikking van 15 april volgens FDF juridisch onhoudbaar.
Daarmee krijgt de zaak een veel bredere lading dan alleen het conflict rond één boerenfamilie. FDF suggereert dat hier sprake is van een bestuurscultuur waarin ambtenaren en bestuurders via procedurele constructies ongewenste uitkomsten forceren.
De organisatie kondigt aan dat verdere publicaties volgen als de provincie niet zelf “de beerput opent”.
Over de auteur: Robin de Boer is economisch geograaf. Volg hem hier op Substack voor exclusieve content.






Duitse Jaap van Dissel verdient goud geld aan coronatest: ‘Belangenverstrengeling’
Britse oud-premier Thatcher ‘stopte kindermisbruik in de doofpot’
Australische man ‘krijgt hartaanval’ na arrestatie wegens niet dragen mondkapje
Advocaat Adèle van der Plas over Baybasin: ‘Dit is zo’n complot dat je het zelf niet geloven kunt’
EU geeft groot feest in metaverse van 387.000 euro, bijna niemand komt opdagen
UFO’s ontglippen aan Iraanse gevechtsvliegtuigen
Ministerie van Landbouw vaccineert al maanden op experimentele basis kippen en mensen beginnen vragen te stellen
Jurist: ‘Dit is een pandemie van misdaden tegen de menselijkheid’
Rutte: aan de mondhoeken van Poetin is zichtbaar dat hij niet zal stoppen bij Oekraïne