De moord op Pim Fortuyn is, ruim twintig jaar later, nog altijd een open wond — en een nieuw boek van communicatieadviseur en journalist Hans Izaak Kriek maakt die wond opnieuw pijnlijk zichtbaar. Kriek was er zelf bij op die bewuste avond van 6 mei 2002, zag Fortuyn op het asfalt liggen en werd daarna gevraagd om sleutelfiguren van politie, AIVD en het ministerie van Binnenlandse Zaken te coachen voor hun verhoren door de commissie-Van den Haak. Nu, 24 jaar later, breekt hij zijn stilte.
Een insider die eindelijk spreekt
Kriek bekleedde een bijzondere positie: twintig jaar als politiek journalist bij Tros Aktua, daarna jarenlang als communicatieadviseur voor overheidsorganisaties. Toen de storm na Fortuyns dood losbarstte, stond hij midden in het oog ervan. Hij simuleerde verhoren, analyseerde verklaringen en gaf strategisch advies aan de mensen die verantwoording moesten afleggen aan de onderzoekscommissie. Wat hij in die periode meemaakte en opving, heeft hij decennialang zwijgend met zich meegedragen. Zijn boek Pim Fortuyn – Moord op bestelling? (herziene en uitgebreide editie 2026) is de neerslag van die jarenlange worsteling.

Het moment om alsnog te publiceren kwam niet toevallig. Hij noemt daarvoor verschillende redenen. De jaarlijkse, breed gedragen herdenkingen van de moord maakten hem duidelijk dat de gebeurtenis nog altijd leeft. De rookbom tijdens de Dodenherdenking op 5 mei vorig jaar in Wageningen liet hem zien dat politieke intimidatie nog steeds actueel is. Daarnaast concludeerde hij dat Nederland nauwelijks lessen heeft getrokken uit de gebeurtenissen van 2002. Hij beroept zich daarbij op een uitspraak van oud-D66-leider Hans van Mierlo dat een democratie het volk de waarheid verschuldigd is, ook wanneer die pijnlijk is. Bovendien voelde hij zich, gedreven door zijn rechtsgevoel, niet langer gebonden aan de geheimhoudingsplicht die hij jarenlang had gerespecteerd.
Beveiliging afgeschaald terwijl dreigingen toenamen
Eén van de meest verontrustende bevindingen in het boek betreft de beveiliging van Fortuyn in de aanloop naar zijn dood. Terwijl concrete bedreigingen binnenkwamen — zowel publiekelijk als via zijn directe omgeving — werd zijn bescherming niet opgeschaald maar juist teruggebracht. Kriek spreekt van “diepe verbijstering” toen hij dit ontdekte, gevoed door zijn jarenlange kennis van hoe dezelfde instanties in andere crisissituaties wél adequaat optraden.
Bijzonder pijnlijk is het signaal dat destijds vanuit het korps IJsselland werd genegeerd. In een afgeluisterd gesprek tussen dierenrechtenactivisten werd letterlijk de zin uitgesproken: “Hij moet dood.” Die informatie bereikte Den Haag niet op tijd. Pas nadat Fortuyn was neergeschoten, kwam dit naar buiten. En dan is er het interne gerucht — moeilijk keihard te bewijzen — dat toenmalig premier Wim Kok intern zou hebben gezegd dat er “geen geld was voor de beveiliging van Fortuyn.” Als dat klopt, was er geen sprake van onwetendheid, maar van een bewuste politieke keuze.
De discrepantie die niemand wil verklaren
Wat Kriek blijft achtervolgen, is een opvallend contrast: Fortuyn liep jarenlang zonder consistente bescherming rond bij tientallen publieke optredens, maar op het Mediapark — de plek waar hij werd neergeschoten — waren politiemensen razendsnel ter plaatse en handelden ze uiterst effectief. De dader werd direct gearresteerd. Die precisie en paraatheid, die elders structureel ontbrak, roept vragen op die de officiële lezing van een “lone wolf” niet volledig beantwoorden.
Nog ingrijpender zijn de niet officieel bevestigde berichten dat er een tweede kogel in het hoofd van Fortuyn zou zijn aangetroffen — een projectiel dat niet overeenkwam met het wapen van Volkert van der Graaf. Als dat juist is, heeft dat vergaande consequenties voor de vraag wie er precies verantwoordelijk was. Een criminele bekende van Van der Graaf werd verdacht van het leveren van het moordwapen zelf, een Firestar-pistool, een type wapen dat in verband werd gebracht met wapendepots van het geheime Gladio-netwerk. Deze mogelijkheid is in het officiële onderzoek nooit serieus uitgewerkt.
Sleutelfiguren die zwijgen
Voor de herziene editie benaderde Kriek verschillende mensen die hij destijds had gecoacht. De reacties zijn veelzeggend. Erik Akerboom, tot voor kort hoofd van de AIVD, liet na meer dan tien dagen weten “er nu niet op in te gaan” — en blokkeerde Kriek vervolgens op LinkedIn. Vrijwel gelijktijdig verdween ook het profiel van Jan-Willem Holtslag, oud-secretaris-generaal van Binnenlandse Zaken, van hetzelfde platform. Dat op zichzelf is al opmerkelijk: Holtslag bleek op 27 juni 2025 te zijn overleden. De vraag wie dan zijn profiel beheert en waarom juist op dat moment werd besloten Kriek te blokkeren, blijft onbeantwoord.
Berrie Hanselman, voormalig AIVD-analist gespecialiseerd in politiek gewelddadig activisme, deelde een andere onthulling: hij was nooit gehoord door de commissie-Van den Haak. Een man met directe kennis van dreigingsanalyses rondom Fortuyn bleef daarmee volledig buiten beeld van de officiële onderzoekscommissie.
Politiek en media kijken weg
De politieke hoofdrolspelers van 2002 reageerden niet anders. Balkenende (CDA) en Rosenmöller (GroenLinks) zwegen volledig. Melkert (PvdA) had “geen gelegenheid.” De Graaf (D66) bedankte beleefd en wees het verzoek af.
Het politieke wegkijken hield daar niet op. De partijen die hij omschrijft als de “demoniserende partijen” blokkeerden een parlementaire enquête naar de moord op Fortuyn, terwijl de Tweede Kamer in dezelfde periode wél besloot een parlementaire enquête naar de bouwfraude te houden. Volgens hem zegt dat veel over de politieke bereidheid om de gebeurtenissen rond 6 mei 2002 diepgaand te onderzoeken.
Ook de media lieten Kriek links liggen. Oud-collega Ton Verlind oordeelde dat het boek “balanceert op de rand van complotsfeer” — een kwalificatie die inmiddels een beproefd instrument is geworden om kritische vragen af te doen zonder ze inhoudelijk te beantwoorden.
Kriek zegt daarnaast De Telegraaf uitvoerig te hebben geïnformeerd over de besloten trainingen die hij destijds verzorgde voor betrokken topfunctionarissen en over de reactie van Akerboom op de vraag of Fortuyn de aanslag zou hebben overleefd bij adequate beveiliging. De Telegraaf besloot echter geen vragen aan Akerboom over diens rol in 2002 voor te leggen. Voor Kriek bevestigde dat dat ook de grootste krant van Nederland ervoor koos dit dossier niet verder uit te diepen.
Zijn frustratie daarover verwoordt hij scherp: “De reguliere media zwijgen mij dood. Er wordt niet eens geschreven dat het een complotboek zou zijn. Helemaal niets, geen woord.” Hij spreekt van “middelvingerpolitiek”: niet inhoudelijk reageren, maar een onderwerp simpelweg negeren.
Ondertussen staat vast dat Van der Graaf regelmatig optrok met GroenLinks-leden in Wageningen, dat zijn netwerk via Milieu-Offensief al vóór de moord in het vizier van de politie was, en dat GroenLinks-wethouder Jack Bogers — die contacten onderhield met diezelfde beweging — later werd veroordeeld voor het lekken van geheime informatie. Vragen over zelfreflectie binnen GroenLinks zijn nooit serieus beantwoord.
Wat de officiële waarheid verzwijgt
Krieks boek is geen complottheorie in de klassieke zin, maar presenteert zich als een gedetailleerde reconstructie, geschreven door iemand die van binnenuit heeft meegekeken hoe het officiële narratief werd gevormd en die uiteenzet waar dat narratief in zijn ogen tekortschiet. De commissie-Van den Haak concludeerde destijds dat er geen aantoonbare nalatigheid was die Fortuyns dood had kunnen voorkomen. Tegelijk stelt Kriek dat sleutelfiguren binnen de veiligheids- en opsporingsdiensten tegenover hem nooit definitief konden uitsluiten dat Fortuyn de aanslag had kunnen overleven bij adequate beveiliging. Dat is een wezenlijk andere nuance dan de indruk die destijds bij het publiek is achtergebleven.
Fortuyn was op weg naar het premierschap. Hij confronteerde het politieke establishment met vragen die het liever niet beantwoordde. Hij werd gedemoniseerd door politieke tegenstanders, zijn beveiliging werd stelselmatig verwaarloosd, een parlementaire enquête bleef uit en de onderzoekscommissie hoorde niet alle relevante getuigen. De volgende keer dat een politicus het systeem van binnenuit uitdaagt, hebben we — zoals Kriek schrijft — geen enkel excuus meer om te zeggen dat we het niet zagen aankomen.
Het boek Pim Fortuyn – Moord op bestelling? is hier verkrijgbaar.
Over de auteur: Robin de Boer is economisch geograaf. Volg hem hier op Substack voor exclusieve content.
Blijf op de hoogte & steun onafhankelijke journalistiek
Even voor je naar X gaat
X (voorheen Twitter) toont onze berichten alleen aan ingelogde gebruikers. Als je niet bent ingelogd bij X, krijg je de melding dat @9fornews nog niets heeft gepost — dat klopt niet, ons account is gewoon actief. Log dus in bij X.






Niet verder vertellen, maar de wereld is in de afgelopen twee jaar in recordtempo afgekoeld. Wist jij dit?
Cynthia: De kunstmatige, vleesetende bacterie die op weg is naar Europa
‘Waarom mag deze onzin wel op tv en feiten van Ongehoord Nederland niet?’
‘Bijna schandalig’: Nederland werd week voor aanslagen Brussel gewaarschuwd voor terreurbroers, maar deed niets
Documenten laten zien: banden tussen kabinet en World Economic Forum ‘zijn erg nauw’
Camilla van der Burgt houdt vurige speech op de Dam: ‘Een revolutie ligt in het verschiet en is zelfs nodig’
Kaaspizza? Instagram faciliteerde gigantisch pedonetwerk
Antropoloog: “Er is geen twijfel over mogelijk dat IJslandse elfen bestaan”
Eerste Kamer verwerpt verlenging coronawet: dit zijn de addertjes onder het gras