Een senior rechter uit Amsterdam publiceerde een ingezonden brief in de Volkskrant waarin hij extreemrechts een ‘giftige boodschap’ toeschreef, een vergelijking trok met Goebbels in 1933 en pleitte voor minder media-aandacht voor die politieke stroming. Forum voor Democratie (FVD) zag hierin aanleiding voor Kamervragen aan de minister van Justitie en Veiligheid. De vraag die centraal staat: kan iemand die zulke uitgesproken politieke opvattingen publiekelijk ventileert, nog eerlijk recht spreken over mensen uit diezelfde politieke hoek?
Een rechter die de krant opzoekt
Aanleiding voor de brief van Ronny van de Water — senior rechter bij de Amsterdamse rechtbank — was de verkiezingswinst van de AfD in Saksen-Anhalt. In de Volkskrant analyseerde columnist Pieter Klok die uitslag en benoemde daarbij de rol van Amerikaanse techplatforms en Russische “inmenging”. Van de Water voegde daar in zijn lezersbrief een extra element aan toe: de media zelf zouden te veel ruimte geven aan extreemrechts. Als voorbeeld wees hij op de Waalse media, die volgens hem bewust weinig aandacht besteden aan rechts-populistische partijen — en hij suggereerde dat dit mede verklaart waarom extreemrechts in Wallonië minder populair is.
Op zichzelf is een lezersbrief schrijven een grondwettelijk recht. Maar als degene die de pen vasthoudt dagelijks op de rechterstoel plaatsneemt, rijst de vraag of zo’n bijdrage zomaar door de beugel kan. Juist omdat burgers er blindelings van uit moeten kunnen gaan dat hun politieke kleur geen enkele rol speelt bij de beoordeling van hun zaak.
Goebbels-vergelijking als breekpunt
Wat de kwestie extra pikant maakt, is de keuze voor het historische referentiepunt. Door de verspreiding van politieke ideeën in 2026 te vergelijken met de propagandamachine van Goebbels in 1933, plaatst Van de Water een deel van het huidige politieke spectrum effectief in de buurt van het naziregime. Dat is geen voorzichtige academische nuancering — dat is een forse beschuldiging die bij veel kiezers in het verkeerde keelgat schiet.
Bovendien pleit de rechter expliciet voor méér censuur in de media — of vriendelijker geformuleerd: voor minder zendtijd voor bepaalde politieke partijen. Dat een zittende rechter zich uitspreekt voor minder democratisch debat is opmerkelijk, om het zacht uit te drukken.
FVD trekt aan de bel in de Tweede Kamer
Kamerlid Van Duijvenvoorde van FVD diende tien schriftelijke vragen in bij de minister van Justitie en Veiligheid. De kern van die vragen draait om drie thema’s: welke gedragsregels gelden er voor rechters die zich publiekelijk politiek uitspreken, hoe wordt omgegaan met politieke uitlatingen van rechters die later relevant worden in een zaak, en kan zo’n publieke uitlating grond zijn voor wraking of verschoning?
Die laatste vraag is juridisch gezien allesbehalve triviaal. Stel dat een aanhanger van de PVV, de SGP of een andere partij die Van de Water impliciet in zijn brief bekritiseerde, voor de rechter verschijnt in een zaak waarbij zijn politieke overtuiging relevant is. Kan die burger dan nog aannemen dat hij een eerlijk proces krijgt? Of geeft de rechter die zichzelf al publiekelijk heeft uitgesproken daarmee feitelijk zijn onpartijdigheid op?
Vrijheid van meningsuiting versus ambtelijke verantwoordelijkheid
Rechters zijn ook gewone burgers. Ze hebben het recht om een mening te hebben, een krant te lezen en zelfs een brief te schrijven. Maar de rechterlijke macht is geen gewone functie. Wie dagelijks over anderen oordeelt, draagt een extra verantwoordelijkheid om de schijn van vooringenomenheid te vermijden. Dat is geen beperking van de vrijheid van meningsuiting — dat is een logisch gevolg van het ambt.
De Raad voor de rechtspraak heeft gedragsrichtlijnen opgesteld die rechters aansporen tot terughoudendheid in publieke uitingen over politieke kwesties. Of die richtlijnen voldoende scherp zijn geformuleerd, en of ze in dit geval zijn geschonden, is precies wat FVD van de minister wil weten.
Mainstream media kijken de andere kant op
Opvallend is ook hoe de Volkskrant zelf in deze kwestie opereert. De krant plaatste de brief van Van de Water klaarblijkelijk zonder veel aarzeling — wat weinig verwonderlijk is voor wie de redactionele lijn van de krant een beetje kent. Dat een zittende rechter oproept tot mediabeperking van bepaalde politieke stromingen en daarbij de vergelijking maakt met nazipropaganda, leek de redactie geen reden tot terughoudendheid.
De minister moet nu kleur bekennen. Ofwel de bestaande regels zijn duidelijk genoeg en Van de Water heeft die regels geschonden — met bijbehorende gevolgen. Ofwel de regels zijn te vaag en moeten worden aangescherpt, zodat toekomstige rechters beter weten waar de grenzen liggen. Een derde optie — niets doen en hopen dat het overwaait — is politiek gezien misschien het makkelijkst, maar ondermijnt het vertrouwen in een onafhankelijke rechtspraak verder. En dat vertrouwen is, zeker in een tijd van groeiend wantrouwen jegens instituties, een kostbaar goed dat je maar één keer kwijt kunt raken.
Blijf op de hoogte & steun onafhankelijke journalistiek
Even voor je naar X gaat
X (voorheen Twitter) toont onze berichten alleen aan ingelogde gebruikers. Als je niet bent ingelogd bij X, krijg je de melding dat @9fornews nog niets heeft gepost — dat klopt niet, ons account is gewoon actief. Log dus in bij X.


Biljoen aan zeldzame mineralen in bodem Afghanistan
Nieuwe NPO-serie over dystopische maatschappij waarin alle bewoners zijn gechipt: ‘Dit is ziek!’
Thierry Baudet: er komt een hele nare tijd aan
Bekijk deze ‘historische’ toespraak van AfD-leider Alice Weidel, ze gaat helemaal los
Europese Commissie staat invoer van 4 nieuwe GMO-gewassen toe
‘Ontluisterend’ Wob-onderzoek naar meldingen van bijwerkingen die Lareb bij aanvang vaccinatiecampagne binnenkreeg
WHO maakt opvallende ommezwaai over risico op kanker bij mobiel bellen
Is het tijd om miljardair George Soros te verbannen? Dit is wat hij allemaal op zijn kerfstok heeft
FBI waarschuwt voor ‘soevereine mensen’